Je start met NMN, voelt je energieker en bent enthousiast. Maar weet je wat er in je lichaam achter de schermen gebeurt? NMN verbruikt namelijk iets wat je misschien niet verwacht: methylgroepen. En als je die niet aanvult, kan een te lage methylatiesnelheid juist de gezondheidseffecten die je nastreeft, ondermijnen.
Wat is TMG (trimethylglycine) in het kort?
TMG, ofwel trimethylglycine, is een methyldonor die je lichaam helpt methylgroepen door te geven aan andere moleculen. Dit proces, methylatie, is nodig voor DNA-herstel, hormoonproductie en het afbreken van homocysteïne. TMG kan zo een directe aanvulling zijn op het verhoogde methylatieverbruik dat NMN-suppletie met zich meebrengt.

Belangrijkste punten
- NMN verhoogt NAD+ niveaus in je cellen, maar activeert daarmee ook het enzym NNMT dat methylgroepen verbruikt, bouwstenen die je lichaam nodig heeft voor DNA-herstel, hormoonproductie en het onschadelijk maken van homocysteïne.
- TMG (trimethylglycine) is een methyldonor die dat tekort direct aanvult en voorkomt dat homocysteïne, een marker voor hart- en vaatrisico en versnelde veroudering, zich ophoopt in je bloed.
- Een praktische vuistregel: combineer 500–1000 mg TMG met 250–500 mg NMN per dag, en overweeg bij hogere NMN-doses (1000 mg+) op te schalen naar 1500–2000 mg TMG.
- Meet je homocysteïne twee keer per jaar via een bloedtest, je voelt een methylatie-disbalans zelden, maar het loopt stiekem op.
- Heb je een MTHFR-genmutatie of slik je al hoge doses choline? Dan werkt de methylatiecyclus bij jou anders en is afstemming met een arts verstandig voordat je TMG toevoegt.
Methylatie: wat het is en waarom het ertoe doet
Methylatie klinkt als een vak uit de scheikunde, en dat klopt ook. Simpel gezegd: het is het doorgeven van een methylgroep (één koolstofatoom met drie waterstofatomen) van het ene molecuul aan het andere. Dat lijkt technisch en ver van je bed, maar dit proces stuurt tientallen lichamelijke functies aan.
Methylatie vindt voortdurend plaats: elke seconde zijn er in je lichaam enorm veel methylatietransacties gaande. Bij elke keer wordt ergens een gen aan- of uitgezet, wordt DNA gerepareerd, wordt een neurotransmitter gemaakt of afgebroken, of wordt een gifstof omgezet zodat je hem kunt uitscheiden. Zonder goed lopende methylatie gaat er van alles mis in je celbiologie, tegelijk en grotendeels onzichtbaar.
De voornaamste methyldonor in je lichaam is SAMe (S-adenosylmethionine). SAMe geeft zijn methylgroep af en wordt dan homocysteïne. Dat homocysteïne moet vervolgens worden omgezet naar methionine of cysteïne, anders stapelt het zich op. En dat is precies waar TMG zijn rol opeist: het geeft een methylgroep aan homocysteïne zodat het wordt omgezet naar methionine, veilig en klaar voor hergebruik.
Meer over hoe methylatie samenhangt met celveroudering en DNA-onderhoud lees je in dit artikel over wat epigenetica is.
Waarom NMN methylgroepen verbruikt
Hier wordt het interessant voor iedereen die NMN slikt. NMN verhoogt NAD+ niveaus in je cellen. NAD+ is een molecuul dat betrokken is bij energieproductie en celonderhoud [1]. Zo ver zo goed.
Maar NAD+ activeert ook enzymen die methylgroepen verbruiken. Sirtuïnes, de zogenaamde "ouderdomsgenen" die worden aangestuurd door NAD+, doen hun werk door acetylgroepen van histonen te verwijderen. Daarvoor is weliswaar geen methylatie nodig, maar een ander NAD+ verbruikend enzym, PARP, gebruikt wél methylatiepaden indirect.
Nóg relevanter: als NAD+ niveaus stijgen, neemt ook de activiteit van het enzym NNMT (nicotinamide N-methyltransferase) toe. Er zijn aanwijzingen dat verhoogde NAD+ niveaus NNMT-activiteit kunnen stimuleren: NNMT gebruikt methylgroepen om nicotinamide te methyleren, als een soort uitlaatklep voor overtollige NAD+ precursors, wat methylgroepen kost [2]. Direct humaan bewijs dat NMN-suppletie dit effect bij mensen versterkt ontbreekt nog, maar het theoretische mechanisme is plausibel en wordt in de praktijk als reden voor TMG-suppletie aangehaald.
Het gevolg: wie regelmatig NMN gebruikt zonder methyldonoren aan te vullen, kan na verloop van tijd een relatief lagere methylatiereserve hebben dan gewenst. Meer lezen over hoe NAD+ niveaus werken en dalen? Een laag NAD+ niveau legt dit helder uit.
De risico’s van methylatie-disbalans: homocysteïne uitgelegd
Homocysteïne is een aminozuur dat van nature in je bloed circuleert. Lage niveaus zijn normaal en onschadelijk. Maar als methylatie stagneert, kan homocysteïne oplopen. En dat is geen bijzaak: verhoogd homocysteïne (boven ruwweg 10-15 micromol/liter) wordt in onderzoek geassocieerd met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en beroertes [3]. Er zijn ook aanwijzingen dat chronisch hoog homocysteïne samenhangt met cognitieve achteruitgang en versnelde biologische veroudering, al vraagt dat om aanvullende studies voor sluitend bewijs.
Praktisch gezien merk je een lichte methylatie-disbalans zelden direct. Geen pijn, geen acute klachten. Juist dat maakt het verraderlijk. Wie serieus bezig is met longevity en tegelijk NMN slikt, wil niet onbewust een risicofactor opbouwen.
Een homocysteïne bloedtest is makkelijk te doen. Als je NMN combineert met TMG, loont het om dit twee keer per jaar te meten. Via een uitgebreide gezondheidscheck kun je homocysteïne samen met andere biomarkers laten testen.

Hoeveel TMG heb je nodig naast NMN? Praktische richtlijnen
Er bestaat geen officiële aanbevolen dagelijkse hoeveelheid voor TMG als supplement. In de wetenschappelijke literatuur worden doses van 500 mg tot 3 gram per dag gebruikt, afhankelijk van het doel [4].
Bij NMN-suppletie zijn dit de meest gehanteerde vuistregels:
- NMN 250-500 mg/dag: 500-1000 mg TMG per dag is voor de meeste mensen voldoende
- NMN 1000 mg/dag of meer: overweeg 1500-2000 mg TMG, verspreid over de dag
- Basis zonder NMN: 500 mg TMG per dag is een gangbare onderhoudsdosis
TMG is het best in te nemen bij een maaltijd, samen met je NMN. Sommige mensen combineren het ook met vitamine B12 en foliumzuur (B9), want die vitamines werken samen in de methylatiecyclus. Foliumzuur en B12 helpen namelijk ook homocysteïne om te zetten via een iets andere route (de zogenaamde remethylering via methioninesynthase).
Als je wilt weten wat de juiste dosering NMN voor jou is, biedt dit artikel over NMN dosering een goede basis.
Kanttekeningen: wanneer TMG minder geschikt is
TMG is voor de meeste mensen veilig en goed verdraagbaar. Toch zijn er situaties waarbij voorzichtigheid geboden is.
Ten eerste: bij mensen met een MTHFR-genmutatie (een vrij veel voorkomende genetische variant) verloopt de methylatiecyclus anders. Niet slechter per se, maar anders. Een te hoge inname van methyldonoren kan bij sommige MTHFR-dragers juist problemen opleveren, denk aan prikkelbaarheid, slapeloosheid of hoofdpijn. Als je weet dat je een MTHFR-variant hebt, bespreek supplementen dan eerst met een arts.
Ten tweede: TMG mag niet worden verward met choline. Beide zijn betrokken bij methylatie, maar ze werken niet identiek. TMG is de geoxideerde vorm van choline, dus wie al veel choline slikt (hoge doses lecithine bijvoorbeeld), hoeft niet automatisch nog extra TMG toe te voegen.
Ten derde: uit sommige studies zijn er signalen dat hoge TMG-doses (boven 4 gram per dag) LDL-cholesterol licht kunnen verhogen; bespreek dit met een arts bij twijfel of als je al hart- en vaatrisico’s hebt. Dit is geen reden om te stoppen, maar wel een reden om niet willekeurig te stapelen.
Meer weten over bijwerkingen van NMN-supplementen in het algemeen? NMN supplement bijwerkingen geeft een eerlijk overzicht.

Andere bronnen van methyldonoren: voeding en supplementen
TMG-suppletie is niet de enige manier om je methylatiestatus op peil te houden. Voeding speelt een grote rol, en voor wie een gevarieerd dieet eet, is de basisbehoefte al deels gedekt.
Voeding rijk aan TMG of betaïne:
- Bietensap en rode biet (een van de rijkste bronnen; het betaïnegehalte varieert sterk per ras en product, maar ligt voor verse rode biet doorgaans rond 100-300 mg per 100 gram, zie de USDA-voedingsdatabase voor exacte waarden)
- Spinazie en andere donkere bladgroenten
- Quinoa
- Volkoren granen en zemelen
- Zeeschelpdieren, met name garnalen
Andere methyldonoren via voeding:
- Eieren (choline, de voorloper van TMG)
- Lever en andere orgaanvlees (choline en foliumzuur)
- Peulvruchten (foliumzuur)
- Vette vis, inclusief omega-3 uit algenolie als plantaardig alternatief
Als supplement zijn B12, foliumzuur (methylfolaat is de actieve vorm) en TMG de meest gebruikte ondersteuning voor de methylatiecyclus. Wie plantaardig eet en veel NMN slikt, loopt extra risico op B12-tekort. Dat tekort remt methylatie net zo goed als een TMG-gebrek.
Voor wie zijn longevity-aanpak serieus neemt: het heeft weinig zin om flink te investeren in NMN terwijl de ondersteunende methylatiecyclus hapert. Supplementen als TMG van VitaSure zijn bedoeld als aanvulling op een solide voedingsbasis, niet als vervanging.
Conclusie
TMG is voor NMN-gebruikers geen luxe bijlage. Het is een logische aanvulling die voorkomt dat het verhoogde methylatieverbruik van NMN leidt tot een opeenstapeling van homocysteïne. Met 500-2000 mg TMG per dag, afhankelijk van je NMN-dosis, houd je de methylatiecyclus draaiende. Combineer het met voldoende foliumzuur en B12 uit voeding of supplementen, en controleer je homocysteïne af en toe via een bloedtest.
Controleer bij het kiezen van een TMG-supplement of de dosis aansluit op je NMN-schema.
TMG supplementBronnen
- Rajman, L., Chwalek, K. & Sinclair, D.A. (2018). "Therapeutic Potential of NAD-Boosting Molecules: The In Vivo Evidence." Cell Metabolism ↩
- Kraus, D. et al. (2014). "Nicotinamide N-methyltransferase knockdown protects against diet-induced obesity." Nature Chemical Biology ↩
- Homocysteine Studies Collaboration (2002). "Homocysteine and risk of ischemic heart disease and stroke." JAMA ↩
- Olthof, M.R. & Verhoef, P. (2005). "Effects of betaine intake on plasma homocysteine concentrations and consequences for health." Current Drug Metabolism ↩
- Olthof, M.R. et al. (2005). "Choline supplemented as phosphatidylcholine decreases fasting and postmethionine-loading plasma homocysteine concentrations in healthy men." American Journal of Clinical Nutrition
- Sinclair, D.A. & LaPlante, M.D. (2019). Lifespan: Why We Age and Why We Don’t Have To. Atria Books. ISBN: 978-1501191978
Veelgestelde vragen
Moet ik TMG nemen als ik NMN slik?
Het is sterk aan te raden. NMN verhoogt de activiteit van enzymen die methylgroepen verbruiken, met name via het NNMT-enzym. Zonder aanvulling kan homocysteïne oplopen, wat geassocieerd wordt met hart- en vaatrisico's. TMG als methyldonor helpt dit te compenseren.
Hoeveel TMG moet ik nemen bij NMN?
Bij 250-500 mg NMN per dag is 500-1000 mg TMG een gangbare dosis. Bij hogere NMN-doses (1000 mg of meer) wordt 1500-2000 mg TMG aanbevolen, bij voorkeur verspreid over de dag en bij een maaltijd ingenomen.
Wat is het verschil tussen TMG en betaïne?
TMG en betaïne zijn dezelfde stof: trimethylglycine. De naam betaïne wordt vaker gebruikt in de voedingswetenschap, TMG meer in de supplementenwereld. Betaïne in supplementen is vrijwel altijd hetzelfde als TMG.
Kan ik TMG ook uit voeding halen?
Ja. Rode biet, spinazie, quinoa en volkoren granen zijn goede bronnen van betaïne (TMG). Bij regelmatig NMN-gebruik en een gemiddeld westerse eetpatroon is aanvulling via supplementen echter verstandig, omdat voeding zelden voldoende levert bij verhoogde behoefte.
Is TMG veilig voor langdurig gebruik?
Ja, voor de meeste mensen is TMG goed verdraagbaar op doses tot 3 gram per dag. Bij hoge doses (boven 4 gram) kan LDL-cholesterol licht stijgen. Bij een MTHFR-genmutatie is overleg met een arts verstandig voordat je met hogere doses methyldonoren start.
Moet ik ook B12 en foliumzuur nemen naast TMG?
Dat is zinvol, vooral als je plantaardig eet. B12 en methylfolaat ondersteunen dezelfde methylatiecyclus via een andere route. Ze werken complementair aan TMG en samen zorgen ze voor een volledigere ondersteuning van de homocysteïne-omzetting.
Hoe weet ik of mijn methylatie in balans is?
De meest betrouwbare manier is een bloedtest op homocysteïne. Een waarde onder 10 micromol/liter wordt algemeen als goed beschouwd. Bij NMN-gebruik twee keer per jaar meten geeft een goed beeld van hoe je methylatiestatus zich ontwikkelt.
